Atelier voor snaarinstrumenten

Ons atelier is zo georganiseerd dat het aan de verzoeken van de muzikanten een antwoord kan bieden zowel op gebied van meesterschap in de tussen-komst als op het gebied van de tijdsduur voor dewelke de instrumenten ons dienen te worden toevertrouwd.
Archets kan steeds een bestek voor onderhoud of herstelling gratis opstellen.

Onze tarieven zijn duidelijk, eigen aan elke tussenkomst. Zij laten toe met duidelijkheid de kost van een tussenkomst te kennen. Elk werk wordt binnen de regels van de kunst en technische competentie gerealiseerd. Wij bieden een garantieperiode van 6 maanden.

Volgens noodwendigheden doet Archets beroep op gereputeerde vakmen-sen, o.a. op het gebied van de waardering en expertise van instrumenten.



               





Beschrijving







Een beetje geschiedenis...

Deze instrumenten maken deel uit van de snaarinstrumenten (instrumenten waarvan de klank wordt voortgebracht door de trilling van één of meerdere snaren) die met behulp van een strijkstok worden bespeeld.

De viool bestaat sedert ongeveer 1550. Zij belang bestaat als eigenwaardig instrument sedert het begin van de jaren 1600. Toen begon men het onge-veer systematisch te gebruiken in de italiaanse opera orkesten. Gedurende de 18de en 19de eeuw lagen enkele violisten – componisten (onder wie Vival-di) aan de oorsprong van belangrijke technische vorderingen. Hun concer-to’s en sonate voor vioolsolo verrichten een diepere en duidelijkere klanken-schakering, grotere uitmunting en een veel grotere spanning van de snaren om de goede uitvoering van zekere passages mogelijk te maken. Enkele secundaire wijzigingen werden aangebracht aan de interne structuur en aan de toetsen van de viool opdat zij de hogere spanning zou kunnen weerstaan. Het is pas in het begin van de 18de eeuw dat de praktijk veralgemeende om de viool onder de kin te houden en niet meer tegen de borst of het sleutel-been. Het instrument kreeg zijn definitieve vorm rond het einde van de 19de eeuw.

Buiten de viool zelf bestaat de familie uit drie andere belangrijke leden : altvi-ool, chello en contrabas. Een altviool is iets groter dan de viool zelf maar dit verschil geeft hem zijn karakteristieke zachtere klank.
Zijn geschiedenis en zijn ontwikkeling volgen deze van de viool nabij. Hij kon echter de aantrek van de viool nooit evenaren als solo-instrument. Omdat het niet de soepelheid en geluidsweerkaatsing van de viool biedt werd het vaker gebruikt als begeleidingsinstrument om de harmonieën te ondersteu-nen en te verrijken. Sedert 1900 groeit zijn succes echter als solo-instrument.

De geschiedenis van de chello is zeer verschillend. Met een kist die ongeveer twee maal groter is dan die van de viool beschikt hij over een rijke weerklank met een goede draagkracht. Het verschijnt voor het eerst in de 16de eeuw maar zijn belang dateert voornamelijk van het begin van de 17de eeuw toen men het begon te gebruiken als basso continuo om harmonieën in de orkesten en minder belangrijke ensembles te ondersteunen. Gedurende het romantisch tijdperk werden zijn uitdrukkingsmogelijkheden goed uitgebaad. In de periode van de romantiek werden de expressieve mogelijkheden van dit instrument ten volle benut. Dankzij de cellovirtuozen ging de speeltechniek erop vooruit.

De contrabas is het meest volumineuze lid van de familie der strijkinstrumenten. Hij heeft een aantal bijzonderheden geërfd van een ouder snaarinstrument, de basviool, waardoor zijn constructie lichtjes afwijkt van die van de andere leden van de familie. Hoewel de contrabas zich door zijn wat gedempte klank niet echt leent tot soleren, speelt hij een cruciale rol in orkesten en grote ensembles. Hij krijgt er de laagste noten en de baspartij toevertrouwd. Vaak speelt de contrabas een octaaf lager dan de cello, wat het instrumentaal geheel diepgang en rijkdom verleent.

Een moderne strijkstok is langer dan de oude strijkstokken. Omdat hij flexibeler is, kan hij een hogere spanning verdragen. In de loop van de 4 vorige eeuwen hebben de instrumentalisten de kunst van het hanteren van de strijkstok beduidend verbeterd. Om het vereiste brede klankspectrum te kunnen produceren, moet een moderne muzikant de strijkstok op minstens twaalf verschillende manieren kunnen hanteren.